Een boterham met pindakaas valt altijd met de besmeerde kant op de grond, als je net klaar bent met het wassen van je auto gaat het regenen en degene die snurkt valt steevast als eerste in slaap. Het is een hele stap om te komen van ruimtevaartingenieur Edward E. Murphy tot een potje pindakaas, maar zijn uitspraak Anything that can go wrong, will go wrong is nog steeds van toepassing op ons dagelijks leven en heeft het geschopt tot een echte wet.

Maar het is geen wet van Meden en Perzen, waarvan in geen enkele omstandigheid kan worden afgeweken: soms valt de boterham met pindakaas met de onbesmeerde kant op de grond en blijft het na het wassen van je auto de zon gewoon schijnen. Dat van het snurken moet je maar aan mijn vrouw vragen.

Ons leven zit ingeklemd tussen axioma’s, wetten, stellingen, formules en regels, die onze vrijheid aan banden leggen en waar we ons bij neer te leggen hebben. De meeste hiervan staan niet in een wetboek, maar komen uit de wetenschap. Hun naamgevers staan mij nog bij, maar de inhoud van hun wet is me al lang ontschoten, mocht ik deze al ooit begrepen hebben: Newton, Boyle, Buys Ballot, Faraday, Pascal en de mooiste naam van alle: Gay-Lussac.

Sommige wetten hadden geen naam, maar kregen een korte omschrijving mee, die meer tot mijn verbeelding sprak dan de volgeschreven borden van mijn leraren natuur- en scheikunde. De wet tot behoud van energie stelde me altijd wat gerust, want veel motivatie tot mezelf inspannen had ik in die lessen niet. Ik begreep wel dat je met verlies van energie je nooit een perpetuum mobile wordt, maar de bijbehorende opgave kreeg ik niet opgelost. Vol ontzag keek ik naar de systematiek van het periodiek systeem der elementen, maar ik bleek doof voor de bijbehorende symbolentaal.

Het werd mijn eigen toepassing van de wet van Murphy: sommen, die op het bord altijd keurig opgelost werden, eindigden op mijn repetitieblaadje steevast in een puntenloze warboel.


Murphy ~ De wet van Murphy, toegeschreven aan Edward A. Murphy (1918–1990), luidt: ‘Als er een manier is waarop ze het verkeerd kunnen doen, zullen ze dat ook doen’, of ook wel: ‘Alles wat fout kan gaan, zal fout gaan.’


Met de wet van de remmende voorsprong kon ik meer kanten op. De historicus Jan Romein verklaarde met deze wet waarom Londen in de jaren dertig van de vorige eeuw nog gasverlichting had, terwijl in steden als Parijs en Berlijn de straten al elektrisch verlicht werden. De voorsprong, die Londen met zijn gasverlichting had, stimuleerde niet om te zoeken naar vooruitgang, zodat de stad voorbijgestreefd werd.

Onze buren hadden eerder televisie dan wij, maar toen mijn ouders eindelijk ook een toestel konden kopen, was de diameter van onze beeldbuis groter. Echte Elvis-fans bleven zijn platen kopen, terwijl ik bij de Beatles meteen kon instappen en op mijn beurt de punkrock voorbij heb laten gaan.

De onderwijskundige Kornelis Posthumus publiceerde in 1940 zijn eigen wetmatigheid, waaraan ik in mijn arbeidzame leven vaak heb teruggedacht. Leraren passen altijd onwillekeurig hun cijfers aan aan het niveau van de groep. Zij stemmen hun lesniveau af op de middengroep van de klas en deze groep zal hij (of zij) uiteindelijk belonen met een cijfer tussen zes en zeven. Een kwart zal een onvoldoende halen, en een kwart zal een beter cijfer halen dan de zeven.

Natuurlijk hebben in de afgelopen zeventig jaar instituten vol didactici en toetsontwikkelaars het ongelijk van Posthumus willen bewijzen, door de vrijheid van leraren aan banden te leggen met kwalificatiedossiers, studiewijzers en centrale toetsen. Maar als ik lees dat een school een slagingspercentage van bijna 100 % haalt, moet ik toch even aan het laagst scorende kwart van Posthumus denken. Deze leerlingen gaan het straks moeilijk krijgen in hun vervolgopleiding.

Een wet, die absoluut niets met wetenschap te maken heeft, is die van de aantrekking. Omdat onze woorden, gedachten en emoties allemaal een eigen trillingsfrequentie hebben, resoneren zij volgens de bijbehorende wet van resonantie met gelijksoortige trillingen. Wanneer ik in staat ben positieve vibraties uit te zenden, trek ik daarmee positieven emoties en gedachten aan. De wereld is immers een spiegel en als ik naar de wereld glimlach, glimlacht de wereld terug. Daarom ook worden de rijken steeds rijker en trekken de armen aan wat zij uitzenden: armoede.

Krijgen wij daarom de politici die wij verdienen? Hebben wij met z’n allen Donald Trump of Boris Johnson aangetrokken? Nee, natuurlijk niet, er hebben gewoon te veel mensen op hen gestemd. Ik hoop dat de meerderheid van de kiezers bij de volgende verkiezingen deze fout niet meer maakt. Want op deze politici is de meer uitgebreide formulering van de wet van Murphy zeker van toepassing: If there’s any way they can do it wrong, they will.

 

WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verschijnt er een woord waarover je iets kunt schrijven, vloggen of ploggen. Laat bij Martha een link achter naar je eigen blog.

Print Friendly, PDF & Email