Er moet een tijd geweest zijn waarin ik nog geen koffie dronk. Maar hoeveel jaar van mijn jonge leven dat geweest is, staat me niet duidelijk bij. Natuurlijk herinner ik me nog de koffiemolen aan de muur in de keuken, en ik weet zeker dat dit in ons eerste huis in Dordrecht was, de dienstwoning boven het abattoir. De jaren zestig waren nog niet begonnen en ik was niet groot genoeg om de slinger van de koffiemolen helemaal rond te krijgen. Bij die koffie hoorde een schepje Buisman, een raar goedje dat de smaak van de koffie moest verbeteren. Het trok blijkbaar vocht aan, want het was nog een hele toer een schepje van dat spul uit het ronde blauwe blikje te hakken.

Koffie of thee dronk ik nog niet, frisdrank stond nog niet op het lijstje voor de kruidenier en limonadesiroop was voorbehouden aan zaterdagavonden en verjaardagsfeestjes. Pas toen mijn eigen dochter naar Spanje verhuisde en ik mezelf een paar woorden Spaans probeerde eigen te maken, realiseerde ik me dat ranja, zoals wij limonadesiroop noemden, afkomstig moest zijn van het Spaanse woord voor sinaasappel, naranja. Mijn kinderdorst werd vooral gelest met water, dat ik zelf uit de kraan dronk met behulp van de sleef, de grote soeplepel die aan het rek met ander keukengerei hing.

En natuurlijk met melk, altijd weer melk. Want hoewel de jaren, waarin Joris Driepinter na drie glazen melk een olifant optilde, nog niet aangebroken waren, kon ik via de Donald Duck wel al lid worden van de M-club, om door het Nationaal Zuivelbureau geïndoctrineerd te worden met de slagzin Met Melk Meer Mans, later gemoderniseerd tot Melk, de witte motor. Ja, melk was goed voor elk.

Helaas was deze melk vooral lauw, want een koelkast was er nog niet. Dat gold ook voor de kleine glazen flesjes met schoolmelk, die aan het begin van het speelkwartier met hun dikke laag room op ons stonden te wachten. De herinnering alleen al kan mij misselijk maken.

Maar het kon nog erger. Een glas warme melk met een vel erop bleef mij thuis bespaard, maar er waren tantes, buurvrouwen of moeders van vriendjes die er op stonden dat ik zo’n beker leegdronk. Thuis school het gevaar in de toetjes, waar mijn vader dol op was: custard met tutti frutti, griesmeelpudding of paprijst met boter en kaneel.

Bij dat laatste nagerecht begon overigens ook mijn verlossing van toetjes op basis van warme melk. Toen ik op een dag na twee happen paprijst kokhalzend weigerde verder te eten, werd mijn vader boos en fulmineerde dat miljoenen mensen op de wereld rijst aten, waarop ik onbedoeld gevat antwoordde: Vindt u dat dan nog niet genoeg, papa? Hij schoot in de lach en ik heb nooit meer een bord rijst of pudding hoeven te eten. Leve de yoghurt met vanillevla uit de koelkast!


Thee ~ 1) Aftreksel 2) Alcoholvrije drank 3) Amberkleurige drank 4) Aromatisch aftreksel 5) Dagelijkse drank 6) Drank 7) Genotmiddel 8) Geurige drank 9) Gezondheidsdrankje 10) Hete drank 11) Kruidendrank 12) Maté 13) Middagdrank 14) Nationale drank van China 15) Nationale drank van de Engelsen 16) Natuurproduct 17) Ochtenddrank 18) Plant 19) Plantenaftreksel


Van een theemuts of een theelichtje kan ik me maar weinig herinneren. Thee begon voor mij bij de dubbelwandige theepot, die ’s ochtends op de ontbijttafel stond. Als mijn vader vroeg de deur was uitgegaan, was die thee sterk en al een beetje afgekoeld. Vaak sloegen mijn broer en ik die thee dan maar over en wij zetten voor schooltijd beurtelings een snelle kop koffie met de elektrische percolator, ons eerste koffiezetapparaat. Vreemd genoeg deed ik dat niet als ik uit school kwam, dan wachtte ik op mijn moeder. Zij kwam een uur later uit haar werk en bracht dan een kopje koffie naar zolder, waar ik achter mijn bureau inmiddels huiswerk zat te maken. Het is één van mijn beste herinneringen aan haar.

Mijn eigen leraren kregen iedere dag tijdens het tweede lesuur een kopje koffie aangereikt en de geur ervan vulde het hele lokaal, vooral bij leraren die niet voor de klas rookten. Toen ik vijftien jaar later zelf leraar werd, was deze service verloren gegaan. In de pauze stonden twee gamellen met koffie op een karretje in de lerarenkamer, maar wachten tot kwart voor elf duurde wel erg lang. Het stond ons gelukkig vrij in de keuken van de schoolkantine zelf een kopje koffie te halen.

Maar in die keuken werden in de middagpauze ook broodjes gesmeerd en tosti’s gemaakt, zodat wij leraren aan het einde van de jaren negentig ineens een risicofactor werden voor de voedselhygiëne en uit de keuken geweerd moesten worden.

Met ketels koffie door het gebouw rijden was blijkbaar ook uit de tijd, zodat in de lerarenkamer de koffieautomaat zijn intrede deed. Aanvankelijk hadden wij het geluk dat de Turkse mevrouw, die via een melkertbaan werkervaring op school opdeed, wekelijks heel consciëntieus het apparaat schoonmaakte, waardoor de kwaliteit van de koffie niet eens zo slecht was. Het ritueel van beneden even een praatje maken met de conciërge was hiermee wel de nek omgedraaid en het koffiekopje werd een plastic bekertje.

Maar de melkertbaan verdween, de Turkse mevrouw ook, en het lot van de koffieautomaat kwam in handen van twee hulpconciërges te liggen, die een ingrijpend andere kijk op schoonmaken hadden. Ik moest wel erg veel zin in koffie hebben, wilde ik na de opstartkoffie die dag nog een tweede bekertje drinken. En dus werd het thee, bij gebrek aan beter, maar hierdoor werd het nog moeilijker om aan het einde van een lesdag door zo’n teamvergadering heen te komen.

Eigenlijk denk ik dat die bekertjes thee uit de koffieautomaat het einde van mijn onderwijscarrière hebben ingeluid. In een dieselauto moet je geen loodvrije benzine gooien, dan loopt de motor vast.

 

WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verschijnt er een woord waarover je iets kunt schrijven, vloggen of ploggen. Laat bij Martha een link achter naar je eigen blog.

Print Friendly, PDF & Email