Verzamelen zit mij in het bloed. Zodra ik merk, dat er een serie is van iets wat ik leuk vind, wil ik ze allemaal hebben. Mijn vader rookte in de jaren vijftig sigaretten van het merk Full Speed – met de kennis van vandaag denk ik cynisch: richting impotentie of longkanker – en op de witte achterkant van het binnenschuifje van het sigarettendoosje stonden afbeeldingen van auto´s. Gewoon even de randen er af knippen en je had een mooi plaatje op stevig papier. Pa bleef paffen en mijn eerste verzameling bloeide.

De plaatjes met auto´s maakten plaats voor vogelplaatjes, die in een pakje vloeitjes zaten. Zo leer je vogels kennen, was het devies van de fabrikant. Nu is er iets raars met die te verzamelen plaatjes, nog steeds. Mijn eigen logica zegt dat ieder plaatje in dezelfde oplage gedrukt wordt, maar hoe komt het dan dat je het ene plaatje tien keer hebt, en sommige andere niet te vinden zijn? Het plaatje van de visarend was in ieder geval in de pakjes vloeitjes net zo zeldzaam als de vogel zelf in de natuur. Is dit omzet verhogende opzet van de fabrikant, of gewoon een kwestie van ongelukkige geografische verspreiding? Of klopt mijn logica niet?

Omdat sigarenbandjes en suikerzakjes mij niet konden boeien, werden de vogelplaatjes opgevolgd door speldjes (leuk) en sleutelhangers (iets minder leuk). Het woord merchandising kende ik nog niet, maar een uitingsvorm ervan wel: het stukje harde kauwgom dat ik kocht omdat er plaatjes van de Beatles in de verpakking zaten. De serie bestond uit zestig verschillende foto’s, maar na het uitspugen van vijftien vieze stukjes kauwgom hield ik het voor gezien. Het verzamelen van de muziek zelf was duurder, maar ook een stuk leuker.

In de eerste jaren van de middelbare school maakte de keiharde kauwgom zijn rentree, nu gekoppeld aan Batman. Ik plakte de plaatjes in mijn schoolagenda, waarvan ik met viltstift de marges grafisch vorm gaf . Batman en Robin maakten plaats voor Asterix en Obelix en in hun kielzog probeerde ik ook mijn verzameling stripverhalen van Kuifje compleet te krijgen. Maar ook de verhalen van Jo, Suus en Jokko, Blake en Mortimer, de Blauwbloezen, Chick Bill de cowboy en natuurlijk Guust Flater. Ik denk dat ik hier nog wel een metertje stripverhalen heb staan. Stukgelezen, dat wel.

Mijn dochters heb ik geholpen met hun albums vol flippo’s en  – geloof het of niet – met het compleet krijgen van alweer kauwgomplaatjes, nu van de Spice Girls. Mijn laatste wapenfeit op dit gebied is het ruilen van dierenplaatjes van Freek Vonk voor mijn kleinkinderen, op het plein voor de supermarkt. Opa gaat ver voor volledige verzamelingen.


 

Hobby ~ 1) Aangename tijdsbesteding 2) Bezigheid in vrije tijd 3) Bezigheid 4) Genoeglijke bezigheid 5) Iets dat je voor je plezier doet 6) Liefhebberij 7) Lievelingsbezigheid 8) Plezierwerk 9) Stokpaardje 10) Verslavingsverschijnsel 11) Vrijetijdsbesteding

 


Bij iedere collectie van mijzelf ben ik uiteindelijk tegen een grens aangelopen. Dat, wat betaalbaar of makkelijk voorhanden is, heb ik al en om verder te komen moet ik meer moeite doen of dieper in de buidel tasten. Geld- en motivatiegebrek beïnvloeden elkaar en markeren vaak het einde van een manische verzamelperiode, en soms ook het einde van de verzameling zelf. Er is geen groei meer, de realiteit dient zich aan en zegt: wat moet je eigenlijk met al die spullen? Achter mij staan in een boekenkast tien albums met Nederlandse postzegels stoffig te worden en het gebeurt nog maar zelden dat ik één van mijn vijfhonderd singles op de draaitafel leg, want de meeste nummers heb ik ook op cd en dat draait een stuk makkelijker. Bovendien weet ik inmiddels: de goeie ouwe tijd krijg ik er toch niet mee terug.

Sommige vragen verdienen geen eerlijk antwoord. Wanneer er tijdens een sollicitatiegesprek gevraagd werd naar mijn hobby’s, was ik echt niet zo stom om te antwoorden: ik verzamel postzegels. Mijn vier delen Zo leer je vogels kennen heb ik verzwegen en natuurlijk heb ik daar nooit toegegeven dat ik nog steeds Beatles-fan ben en dat in mijn persoonlijk ontwikkelingsplan de ambitie staat om alle beschikbare en betaalbare muziek van de Fab Four in bezit te krijgen. Plus alle 125 kleuren viltstift die de winkel in Art Supplies in huis heeft.

Nee, op de vraag of ik hobby’s heb, gaf ik steevast het gewenste antwoord dat ik geïnteresseerd ben in kunstgeschiedenis, vinyl verzamel en trouw de sportschool bezoek. Want wie wil er nu een werknemer met overgewicht, die in zijn vrije tijd postzegelbeurzen bezoekt, de hele dag liedjes neuriet, tijdens vergaderingen alleen maar zit te tekenen en af en toe naar buiten kijkt of hij vogelplaatje nummer 82 (de staartmees) voorbij ziet vliegen?

 

 

#WOT: betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verschijnt er een woord waarover je iets kunt schrijven, vloggen of ploggen. Laat een link achter naar je eigen blog onder het woord van die week zodat iedereen mee kan lezen.

De #WOT is bedacht door Karin Ramaker. Daarna is het overgenomen door Irene van Putten, vervolgens door Hendrik-Jan de Wit en nu dus door Martha Pelkman.

 

 

 

 

 

 

 

 

Print Friendly, PDF & Email